Consensus over grote kansen herziening meststoffenverordening tijdens STRUBIAS workshop

Consensus over grote kansen herziening meststoffenverordening tijdens STRUBIAS workshop

De ESPP organiseerde op 5 September een workshop over de voortgang van de herziening van EG meststoffenverordening en de conclusies van de STRUBIAS-werkgroep.

Op dit moment moet er gestemd worden door het Europees Parlement en de Europese Raad over de Europese Meststoffenverordening. In het huidige voorstel tot herziening van de Europese Meststoffenverordening EG 2003/2003  zijn een aantal stoffen waaronder struviet, biochar en verbrandingsassen niet opgenomen. Om hergebruik van deze materialen te stimuleren, wordt er gekeken of deze stoffen via een andere constructie later door de Europese Commissie toegevoegd mogen worden.De Europese Commissie heeft het Joint Research Centre (JRC) de bevoegdheid gegeven om de criteria op te stellen voor struviet, biochar en verbrandingsassen. Het JRC heeft vervolgens een werkgroep (STRUBIAS) opgericht, waarin stakeholders vanuit heel Europa zitten die samen aan die criteria hebben gewerkt.

Het blijft nog spannend of de EC het mandaat krijgt om te beslissen over toelating van nieuwe EG-meststoffen en stoffen die voor de productie van EG-meststoffen gebruikt mogen worden. Dat zou de procedure om nieuwe innovatieve producten erkend te krijgen vereenvoudigen en versnellen. Dit is van belang voor stoffen die nu niet in het voorstel tot herziening van EG 2003/2003 opgenomen zijn, zoals struviet, assen en biochar. De STRUBIAS werkgroep heeft een voorstel gedaan om struviet, assen en biochar als een aparte grondstoffencategorie op te nemen. Hiermee wordt enorme vooruitgang geboekt voor de producenten van struviet en assen. De afzet van deze producten wordt nu nog sterk gehinderd door de afvalstatus, die bij EG-meststoffen komt te vervallen.

Het conceptvoorstel van de Europese Commissie voor de herziening van de EG-meststoffenverordening wordt nu besproken in de triloog tussen de EC, het Europees Parlement en de Raad. Hierin zullen t.z.t. ook herwonnen fosfaten worden toegelaten als grondstof voor EU meststoffen waardoor ze in de hele EU verhandeld kunnen worden.Breekpunt op dit moment lijkt het gehalte Cd in fosfaatmeststoffen.  Het voorstel van de EC gaat uit van een gehalte van 60 mg Cd per kg P2O5, het Europese Parlement wil dit gehalte verder aanscherpen tot 20 mg Cd.

Voor de toelating van industriële bijproducten voor de productie van EG-meststoffen lijkt een oplossing gevonden: industriële bijproducten met REACH registratie mogen worden gebruikt. Punt van discussie daarbij is nog wel of deze bijproducten zelf dan ook een landbouwkundige waarde moeten hebben.

Er leek een algehele consensus bij de deelnemers dat het voorstel tot herziening grote kansen biedt voor het gebruik van herwonnen grondstoffen als EG-meststof en daarmee een belangrijke stap is naar een circulaire economie.

Het voorstel van de STRUBIAS werkgroep is nog niet definitief. Er is op 5 september input opgehaald bij de leden van het ESPP om te bespreken tijdens de laatste STRUBIAS werkgroep meeting in Sevilla, die eind september heeft plaatsgevonden. Zorgen liggen er vooral op de voorgeschreven analysefrequentie en het maximaal toegelaten gehalte organische stof van 3% bij struviet, en bij de toegelaten ingangsmaterialen en gehalte zware metalen bij assen. Een update over deze meeting volgt nog.

Op de website van de ESPP staat een verslag van de Stakeholder meeting on STRUBIAS.

Wil je meer informatie over dit onderwerp? Neem contact op met Laura van Scholl (NMI)  laura.vanscholl@nmi-agro.nl